Home

WMO

Mantelzorg vragenlijst
Getroffenen vragenlijst

WMO Gesprekswijzers

Als u niet-aangeboren hersenletsel hebt, moet u voorzieningen en hulp vanuit de Wet Maatsschappelijke Ondersteuning (Wmo) voortaan zelf aanvragen bij de gemeente. De gemeente bepaalt of u in aanmerking komt voor ondersteuning uit de Wmo. Een Wmo-consulent van de gemeente houdt daarvoor eerst een indicatiegesprek met u. Tijdens dat gesprek wordt bepaald óf u zorg nodig heeft en hoe veel. Daarbij wordt ook gekeken naar wat mensen uit uw omgeving, zoals partners, familie of buren kunnen doen. Dat verschilt per persoon.

In het indicatiegesprek komen veel zaken aan de orde. Dat kan wel eens lastig zijn omdat mensen met hersenletsel vaak problemen hebben met overzicht houden. Soms weten Wmo-consulenten onvoldoende van hersenletsel en de consequenties. Daarom mag u bij het gesprek uw partner, een familielid of een bekende meenemen. Het kan ook een hulpverlener zijn, bijvoorbeeld iemand van MEE. Zij kunnen u ondersteunen bij het gesprek. Twee weten meer dan één. En twee mensen kunnen vaak ook beter aangeven waar u tegen aanloopt.

Zowel voor getroffenen als voor naasten is er een online Wmo-gesprekswijzer ontwikkeld. Deze kunt u doorlopen om te ontdekken welke onderwerpen u in het gesprek aan de orde wilt laten komen. Als u de vragenlijst voor getroffenen invult, krijgt u direct te zien voor welke onderwerpen dat nodig zou zijn. U kunt de ingevulde lijst en resultaten ook uitprinten.

Mantelzorgers zijn vaak naaste familieleden, buren of vrienden die de zorg voor iemand met NAH geheel of gedeeltelijk op zich nemen. Ook mantelzorgers kunnen helpen het gesprek met de Wmo-consulent voor te bereiden als de getroffene zelf niet in staat is de vragenlijst voor getroffenen in te vullen. Vult u de vragenlijst voor mantelzorgers geheel in en print deze lijst ingevuld uit.

Mantelzorg vragenlijst

Getroffenen vragenlijst

Hoe gaat het verder?

Zodra een besluit is genomen over de aanvraag, volgt een indicatiebesluit. Daar staat in of iemand voor de aangevraagde voorziening in aanmerking komt. Als u het niet eens bent met het besluit, kunt u bij de gemeente bezwaar aantekenen.

Hulp voor mantelzorgers

Mantelzorgers zijn vaak naaste familieleden, buren of vrienden die de zorg voor iemand met NAH geheel of gedeeltelijk op zich nemen. Ook mantelzorgers kunnen helpen het gesprek met de Wmo-consulent voor te bereiden als de getroffene zelf niet in staat is de vragenlijst voor getroffenen in te vullen. Vult u de vragenlijst voor mantelzorgers geheel in en print deze lijst ingevuld uit.

Hebt u geen tijd om de vragenlijst in te vullen, download dan de vragenlijst, print deze en vul hem handmatig in : www.hersenletsel.nl/images/informatie/wmo/vragenlijst_voor_mantelzorgers.pdf

Het gesprek voorbereiden: vragenlijst getroffenen

Een goede voorbereiding is het halve werk. Soms is het lastig om in een gesprek spontaan te zeggen waar u tegen aan loopt. Bereid daarom het gesprek goed voor. Als u de vragenlijst onder het kopje 'vragenlijst voor getroffenen' van tevoren invult en uitprint, helpt dat u en ook de Wmo-consulent om beter in beeld te krijgen wat u nodig hebt.

U kunt de vragenlijst op deze website zelf of met uw partner of verzorger online invullen. Het voordeel daarvan is dat uw antwoorden allemaal bij elkaar worden gezet in een document en dat u dit kunt opslaan en printen. Het programma print alleen de aandachtsgebieden die voor u van belang zijn.

U kunt de vragenlijst ook in zijn geheel downloaden en printen en daarna bijvoorbeeld samen met uw partner of hulpverlener met de hand invullen. Download de lege vragenlijst hier : www.hersenletsel.nl/images/informatie/wmo/vragenlijst_voor_getroffenen.pdf

Gesprekswijzer ambtenaren

Als ambtenaar omgaan met hersenletselpatiënten?
De decentralisatie van overheidstaken binnen de jeugdzorg, AWBZ en Wmo zal er onder andere toe leiden dat ook patiënten met niet-aangeboren hersenletsel vaker bij de gemeente zullen aankloppen voor ondersteuning. Mensen met niet-aangeboren hersenletsel (NAH) hebben vaak uiteenlopende klachten of problemen die voor u als ambtenaar niet zo gemakkelijk herkenbaar zijn. In deze gesprekswijzer vindt u tips en aanbevelingen die u helpen om uw gesprek met een NAH-getroffene zo goed mogelijk voor te bereiden en te voeren.

Niet-aangeboren hersenletsel kan het gevolg zijn van een hersenbloeding of herseninfarct, een tumor of een ongeval. Heel vaak leidt hersenletsel tot een diepe en blijvende breuk in de levenslijn. Vertrouwde zaken zijn niet meer vertrouwd, het leven krijgt een volledig andere wending en invulling. De klachten en problemen die getroffenen met hersenletsel ervaren, verschillen van persoon tot persoon. Getroffenen moeten zichzelf vaak opnieuw uitvinden; heel veel doodnormale vaardigheden zoals de krant lezen, een stukje lopen of thee zetten, opnieuw leren beheersen. Ogenschijnlijk leven zij een normaal leven als ieder ander mens, maar alle handelingen en vaardigheden kosten meer moeite en tijd, of kunnen alleen met hulp van anderen. Iemand met hersenletsel kan een hele dag een volle en drukke dag hebben, en aan het eind ervan niets uit zijn of haar handen hebben gekregen.

Niet goed zichtbaar, merkbaar of uit te leggen
Veel problemen van mensen met hersenletsel zijn voor anderen niet direct zichtbaar of merkbaar. Iemand met hersenletsel zal soms meer tijd dan anderen nodig hebben om op een afspraak te komen of een gesprek te voeren. Het kost meer tijd om iemand met hersenletsel iets uit te leggen, omdat het even duurt voordat de informatie is verwerkt. Vaak ook kan iemand met hersenletsel zelf zijn of haar problemen niet goed uitleggen of de gevolgen van toekomstige veranderingen niet goed inschatten. Het vergt dus wat meer geduld, oefening en invoelingsvermogen om een gesprek te voeren met iemand met hersenletsel.

Gebruik de gesprekswijzer Hersenletsel
De Samenwerkende Hersenletsel Verenigingen (SHV) hebben een gesprekswijzer ontwikkeld voor gesprekken met mensen met hersenletsel en hun naasten. Via de link Vragenlijst hersenletsel.nl kunt u de vragenlijst vinden die getroffenen en/of naasten als voorbereiding op, of tijdens het gesprek met een zorgverlener of ambtenaar kunnen invullen. De vragen gaan in op de mogelijkheden, beperkingen, hulp- en ondersteuningsvragen van mensen met hersenletsel. Als iemand met hersenletsel een gesprek met u heeft aangevraagd, is deze gesprekswijzer een zeer goede leidraad voor dat gesprek. U kunt de vragenlijst zelf gebruiken of uw gesprekspartner tijdens het gesprek vragen om deze samen met u in te vullen.

Tips voor gesprekken met mensen met hersenletsel
- Voer een gesprek bij voorkeur samen met iemand die de getroffene goed kent. Luister ook naar diens verhaal. Mensen met hersenletsel hebben lang niet altijd voldoende inzicht in hun eigen beperkingen.
- Neem de tijd voor het gesprek, mensen met hersenletsel hebben vaak meer tijd nodig om uw vragen of reacties te begrijpen en te verwerken.
- Praat rustig en in korte eenvoudige zinnen.
- Vraag 1 ding tegelijkertijd. Meer
- Herhaal uw vraag als de ander u niet begrijpt of reageert en controleer of de vraag wordt begrepen.
- Neem voldoende pauzes tussen uw vragen of antwoorden.
- Geef waar nodig de hoofdlijnen in het gesprek aan en help mee hoofd- en bijzaken te onderscheiden.
- Gebruik indien aanwezig ondersteunende communicatiemiddelen.
- Vat regelmatig kort samen wat u gezegd hebt en wat de ander gezegd heeft.
- Helder een misverstand altijd op, accepteer geen 'laat maar….'
- Doe niet alsof u iets begrepen hebt, als u het echt niet begrijpt.
- Stem met de getroffene af of deze het prettig vindt als u hem/haar aanvult voordat de ander het zelf zegt.

U kunt deze tips ook later nalezen via deze communicatietips

Mocht u specifieke vragen over hersenletsel hebben, bekijk dan de informatie op www.hersenletsel.nl of neem contact op met moniquelindhout@hersenletsel.nl

Tips voor het indicatiegesprek

De consulent wil in het gesprek 4 dingen helder krijgen:
- Wie bent u?
- Waar loopt u tegen aan in uw leven?
- Wat kunt u zelf oplossen?
- Waar hebt u professionele ondersteuning bij nodig?

Met de volgende tips kunt u ervoor zorgen dat de consulent zo goed mogelijk antwoord krijgt op zijn of haar vragen:
- Vraag als u dat prettig vindt, om een gesprek bij u thuis.
- Voer het gesprek samen met iemand die u goed kent. Denkt u hierbij bijvoorbeeld aan een familielid, vriend, zorgverlener of MEE consulent.
- Geef vooraf aan waar de consulent in het gesprek rekening mee moet houden. Bijvoorbeeld spreken in korte zinnen of dingen opschrijven. Zie ook de Communicatietips voor Wmo consulent
- Doe uzelf niet sterker of te goed voor. Wij weten dat mensen zich graag groot houden en flink zijn, maar daarmee maakt u het voor uzelf zwaarder dan nodig.
- Wees ook duidelijk over wat u zelf kunt oplossen!
- Geef het aan als u een vraag niet goed begrijpt. Ga niet gokken of zomaar wat antwoorden.
- Geef aan waar u tegen aan loopt en geef voorbeelden die dit laten zien.
- Geef het aan als u wisselende dagen hebt: hoe gaat het op de goede dagen en hoe op de slechte dagen?
- Zorg dat de consulent goed helder krijgt WAT het probleem is, WANNEER het een probleem is, WAAR u dat probleem ervaart en WAAROM u een oplossing wilt en wat voor een oplossing u wilt.
- Zorg dat de consulent goed begrijpt dat u LAST hebt van het probleem.
- Vraag naar de vervolgstappen: welke acties worden doorgenomen en door wie?
- Vraag om een verslag van het indicatiegesprek.

Zie ook de Communicatietips voor Wmo-consulent

Communicatietips voor de Wmo-consulent

Ik heb niet-aangeboren hersenletsel. Communicatie is hierdoor lastig voor mij. In een gesprek is het prettig als u rekening houdt met de volgende adviezen:
- Neem de tijd.
- Praat rustig.
- Vraag 1 ding tegelijkertijd.
- Herhaal uw vragen als ik deze niet begrijp of niet reageer. Doe dit desnoods meerdere malen.
- Controleer of ik de vraag of opdracht heb begrepen als ik een antwoord geef dat niet zo logisch is.
- Spreek in eenvoudige en korte zinnen.
- Neem voldoende pauzes tussen de vragen.
- Geef waar nodig de hoofdlijnen in het gesprek aan en help mij mee hoofd en bijzaken te onderscheiden.
- Ondersteun wat u zegt door het in steekwoorden op te schrijven
- Gebruik mijn ondersteunende communicatiemiddelen.
- Vat regelmatig samen wat ik gezegd heb om na te gaan of u mij goed hebt begrepen.
- Vat regelmatig samen wat u gezegd hebt.
- Helder een misverstand altijd op, accepteer geen 'laat maar….'
- Doe niet alsof u iets goed begrepen hebt terwijl u het maar half weet of hebt begrepen. Vraag het nogmaals tot u mij begrijpt.
- Stem met mij af of ik het prettig vind als u mij aanvult voordat ik het zelf zeg.
- Wees indien nodig kort en bondig.

Het indicatiegesprek met de Wmo-consulent

Tijdens het indicatiegesprek met de Wmo-consulent wordt gekeken welke problemen u ervaart, wat u zelf kunt doen om deze op te lossen en welke professionele ondersteuning u nodig hebt. Dat verschilt per persoon.

In het indicatiegesprek komen veel zaken aan de orde. Dat kan wel eens lastig zijn omdat mensen met NAH vaak problemen hebben met overzicht houden. Ook hebben Wmo-consulenten soms onvoldoende kennis van NAH en de consequenties ervan. En soms overschat iemand met NAH wat hij of zij nog zelf kan.

Daarom adviseren wij u om het gesprek niet alleen te doen maar met uw partner, een familielid of een bekende. Het kan ook een hulpverlener zijn, bijvoorbeeld iemand van MEE. Zij kunnen u ondersteunen bij het gesprek. Twee weten meer dan één. En twee mensen kunnen vaak ook beter aangeven waar u tegen aanloopt.

Op deze website vindt u bovendien allerlei tips en hulpmiddelen om u goed op dat gesprek voor te bereiden.

Waar moet u zijn voor een hulpaanvraag?

U kunt Wmo-ondersteuning aanvragen bij uw gemeente. U kunt met de gemeente bellen en vragen naar de afdeling die over de Wmo gaat. U kunt dan een afspraak maken met de Wmo-consulent voor een indicatiegesprek. Zo'n gesprek is vaak ook via www.regelhulp.nl aan te vragen. Bijna alle gemeenten zijn bij Regelhulp aangesloten.

Als u meer informatie wilt over waar u de juiste zorg kunt aanvragen verwijzen wij u naar www.zorgwijzer.nl/zorgkompas

Wat betekent de Wmo voor u?

Ook mensen met niet-aangeboren hersenletsel moeten de voorzieningen en hulp vanuit de Wmo voortaan zelf aanvragen bij de gemeente. De gemeente bepaalt of iemand in aanmerking komt voor ondersteuning uit de Wmo. Een Wmo-consulent van de gemeente houdt daarvoor eerst een indicatiegesprek met degene die de zorg aanvraagt. Tijdens dat gesprek wordt bepaald óf iemand zorg nodig heeft en hoe veel. Daarbij wordt ook gekeken naar wat mensen uit de omgeving kunnen doen.

Gemeenten kunnen van u een eigen bijdrage voor Wmo-voorzieningen vragen. Hoe hoog die eigen bijdrage is en of hij inkomensafhankelijk is, bepaalt iedere gemeente zelf. Sinds 1 januari 2013 bestaat er een hogere eigen bijdrage voor de Wmo voor mensen met een eigen vermogen. Er wordt 8% van het vermogen in box 3 opgeteld bij het inkomen waarover de eigen bijdrage wordt berekend. Vraag daarom bij uw gemeente altijd naar de hoogte van de eigen bijdrage en hoe die wordt bepaald.

Persoonlijke verhalen

Op deze website verzamelen we persoonlijke ervaringen van NAH getroffenen en hun mantelzorgers. Die verhalen mogen overal over gaan: persoonlijke gedachten, omgaan met het huishouden, de problemen met vervoer of reizen, rare belevenissen die u met de gemeente of een andere instantie hebt gehad.

Klik hier om diverse persoonlijke verhalen van patienten en mantelzorgers te lezen

Home Activiteiten en productenWMO