Dé vereniging voor patiënten met niet-aangeboren hersenletsel en hun naasten

Word lid
Home » Ervaringsverhalen » Monique | Overprikkeld, afgepeigerd, tranen en moe…

Monique | Overprikkeld, afgepeigerd, tranen en moe…

Elke twee weken neemt Monique jullie mee in haar leven met NAH. In deze nieuwe blog schrijft ze over hulp vragen en hoe lastig dit soms kan zijn.

Zaterdag eind van de middag. Ik loop op mijn tandvlees. Waarom heb ik het wéér zover laten komen? Trek ik alles naar mij toe, probeer ik alles zelf op te lossen en zeg ik geen nee! En als ik dan geen nee zeg, waarom vraag ik dan niet om hulp? Laat ik het zover komen dat ik hyper overprikkeld op bed lig en niet eens kán slapen. Dat ik tranen in mijn ogen heb van de oververmoeidheid!

Je hoeft niet alles alleen te doen...Als je hulp nodig hebt, gewoon vragen…Als ik iets voor je kan doen…

Hulp vragen waarvoor? Ik kan toch alles! Kleine moeite. Kom maar dat doe ik wel. Ik ren van hot naar her, probeer alles te overzien en iedereen het naar zijn/haar zin te houden. Het kost mij met de minuut meer en meer energie en nog vraag ik niemand om hulp. Maar wel denken; jee ziet nu niemand dit, dit of dat”. Monique regelt het wel, jaja. Zij is van de organisatie. Zij weet daar en daarvan. Dus ik vind ook dat IK het moet doen. Het komt ook niet in mij op om hulp te vragen. Vind ik helemaal niet nodig. Vind ik zwak. Mijn lichaam en hoofd schreeuwen inmiddels iets heel anders.

Hulp vragen dat doe ik niet, het geeft mij een gevoel van falen maar ook schaamte. Het gevoel van waardeloos en zwak zijn. Het geeft mij ook een schuldgevoel omdat ik het wel kan maar de energie niet voor heb. Hoezo geen energie? Ik zit verder alle dagen thuis dus vandaag kan ik dit best wel allemaal doen. Ik ben toch niet moe van het niets doen?

Die zaterdag ging het dus helemaal mis. Ik vroeg niemand om hulp en ben mijzelf totaal voorbijgelopen. Stom…terwijl ik een paar weken geleden, na een telefoontje met het UWV, waar ik boos, huilend en overprikkeld uitkwam heel anders reageerde. Ik dacht tegen het UWV red ik het niet alleen. Ik vecht, knok, schrijf, huil, keer op keer. Iemand moet mij helpen. Iemand moet mijn verhaal daar vertellen, iemand die kan doordringen in die bureaucratie daar.

Ik heb hulp gevraag. Mijn trots opzij, mijn schaamte opzij...en gek genoeg niet mijzelf opzij. Ik heb MEE gebeld en mijn verhaal gedaan. Een week later had ik al huisbezoek van een lieve dame die mij verder gaat begeleiden. Ook heb iemand gevonden die veel verstand heeft van arbeidsrecht. Die gaat zo’n twaalf jaar correspondentie van mij en het UWV doorspitten en zo nodig zoeken wij er ook nog advocaat bij. Tot vorige maand heb ik 12 jaar in mijn eentje gevochten tegen het UWV.  Nu verzamel ik een heel team om mij heen die samen met mij gaan vechten.

Toen ging het dus goed en een paar weken later wéér totaal mis. Het ene moment trots dat ik om hulp gevraagd heb het andere moment overprikkeld en oververmoeid in mijn bed om dat ik vertik om hulp te vragen. Ik begrijp mijzelf soms niet. Waarom is hulp vragen zo moeilijk?