Na een beroerte kunnen mensen problemen ervaren met het lopen in het dagelijks leven. Op de GRAIL kan het lopen worden getraind in een uitdagende virtuele omgeving. Hoe kan training in een virtuele omgeving bijdragen aan het verbeteren van het lopen?
In het dagelijks leven moeten we ons lopen aanpassen aan verschillende situaties en omgevingen. Bijvoorbeeld wanneer we lopen over ongelijke trottoirs of opstapjes en obstakels tegenkomen. Ook wanneer we tijdens het lopen een gesprek willen voeren of boodschappen willen dragen vraagt dat om aanpassingen van het lopen. De fysieke en cognitieve gevolgen van een beroerte kunnen problemen geven bij het lopen. Mensen die weer zelfstandig kunnen lopen, eventueel met hulpmiddelen, ervaren vaak nog moeilijkheden met lopen in het dagelijks leven, zoals bij werk, huishoudelijke taken, boodschappen doen en hobby’s. Zo beschrijft een revalidant:
“Boodschappen doen is vermoeiender dan gewoon lopen. Bij het gewoon lopen heb je één ritme, maar bij het boodschappen doen moet je iedere keer stoppen om een product te pakken. Ik kan dan lastig weer op gang komen.”
Met behulp van een virtuele omgeving kan het lopen in verschillende situaties worden nagebootst. In ons onderzoek hebben we bekeken of looptraining in een virtuele omgeving zorgt voor een verbetering van het lopen en minder beperkingen in het dagelijks leven. Deze looptraining voor mensen die een beroerte hebben gehad werd gegeven op de GRAIL (Gait Real-time Analysis Interactive Lab) en vond plaats bij Revant in Breda. De GRAIL bestaat uit een geavanceerde loopband, een systeem voor het registreren van bewegingen en een groot scherm waarop de virtuele omgevingen worden weergegeven. Op de GRAIL kan op een uitdagende manier worden getraind in een veilige omgeving. De persoon op de loopband heeft interactie met de virtuele omgeving. Door bewegingsregistratie kan het lopen in kaart gebracht worden en feedback gegeven worden. Daarnaast kan een persoon door onverwachtse bewegingen van de loopband oefenen met het opvangen van verstoringen.
Ons onderzoek laat zien dat looptraining op de GRAIL veilig en praktisch goed uitvoerbaar is. Deelnemers vonden de looptraining leuk, uitdagend en intensief. Een deelnemer vertelt:
“Ik vond het een toegevoegde waarde voor het lopen. Zeker omdat je op de GRAIL pas merkt waar je zwakheden toch nog wel liggen. Bijvoorbeeld dat ik moeite had met hobbels nemen of iets te ontwijken.”
Na de training ervaarden mensen verbeteringen in hun balans, loopsnelheid en loopafstand, het uitvoeren van extra taken tijdens het lopen en hadden zij meer vertrouwen in het lopen. We vergeleken de resultaten van training op de GRAIL met een looptraining zonder virtuele omgeving. Beide trainingsvormen zorgen voor een verbetering van het lopen en minder beperkingen in het dagelijks leven bij mensen na een beroerte. Er was geen duidelijk verschil tussen de resultaten van beide trainingen. Hoewel looptraining in een virtuele omgeving geen betere resultaten gaf, denken we dat deze training een waardevolle aanvulling is op de reguliere trainingsvormen.
In de toekomst zal steeds vaker gebruik worden gemaakt van technologieën om het lopen te verbeteren. Met behulp van technologie verwachten we beter in kaart te kunnen brengen waarom iemand moeilijkheden ervaart. Bijvoorbeeld bij het lopen in een drukke supermarkt. Worden de problemen met lopen veroorzaakt doordat je moet bukken om boodschappen uit het schap te pakken, doordat mensen tegen je op botsen of omdat je tegelijkertijd je boodschappenlijstje wil bekijken? Als we beter weten waar iemand problemen ervaart kunnen we dit ook beter trainen. Meer onderzoek is nodig om te bekijken hoe we technologie kunnen inzetten om echt op maat te trainen.
* Dit artikel verscheen eerder in Hersenletsel Magazine 2 – 2021.